Tip de redactie

RIVM waarschuwt voor fijnstof in Brabantse steden

BRABANT – In Brabantse steden ligt de hoeveelheid fijnstof boven de WHO-norm. RIVM wijst houtkachels, barbecues en vuurkorven aan als belangrijke bronnen.

Brabantse steden

Inwoners van Brabantse steden, zoals Breda, ademen gemiddeld meer fijnstof in dan mensen in omliggende dorpen. Dat blijkt uit recente cijfers van het RIVM. Het Longfonds waarschuwt dat deze vervuiling de gezondheid van ruim een miljoen longpatiënten in Nederland extra onder druk zet.

Fijnstof bestaat uit piepkleine deeltjes die diep in de longen kunnen doordringen. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) adviseert een maximum van 5 microgram per kubieke meter lucht, maar geen enkele Nederlandse gemeente haalt die norm. In stedelijke gebieden ligt de concentratie vaak hoger door verkeer, industrie en houtstook.

Stikstof en gezondheid

Naast fijnstof vormt ook stikstof een groot probleem in Brabant. De provincie kent veel bronnen van stikstofuitstoot, zoals landbouw, verkeer en industrie. Een groot deel van deze stikstof slaat neer op de grond, wat schadelijk is voor natuur, waterkwaliteit en biodiversiteit. Langdurige blootstelling kan bovendien leiden tot luchtwegklachten, hart- en vaatziekten en een kortere levensverwachting.

Volgens het RIVM is het terugdringen van stikstofuitstoot noodzakelijk om kwetsbare natuurgebieden te beschermen. De wet schrijft daarom voor dat de uitstoot de komende jaren fors omlaag moet.

Houtkachels, vuurkorven en barbecues

Opvallend is dat een groot deel van de fijnstofuitstoot afkomstig is van huishoudens zelf. Houtkachels, vuurkorven en barbecues stoten naast fijnstof ook schadelijke stoffen uit zoals koolmonoxide, roet en polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s). Deze stoffen kunnen astma, COPD en zelfs longkanker veroorzaken.

Het RIVM adviseert om alleen schoon, droog hout te gebruiken en nooit bewerkt hout te verbranden. Bij windstil of mistig weer blijft rook langer hangen, waardoor de overlast en gezondheidsrisico’s toenemen.

Wat inwoners zelf kunnen doen

Gemeenten en provincies werken aan maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren, zoals het stimuleren van elektrisch vervoer en het beperken van houtstook bij ongunstig weer. Maar ook inwoners kunnen bijdragen: minder vaak de open haard aansteken, kiezen voor elektrische alternatieven bij het buiten koken en vaker de fiets of het openbaar vervoer nemen.

Zoals Ruben Hovestad, beleidsmedewerker luchtkwaliteit in Noord-Brabant, het samenvat: “Als een miljoen Brabanders kleine stapjes zetten, maken we samen een groot verschil. Het gaat om de lucht die we allemaal inademen.”

Meer over

Net binnen