De gemeente Oisterwijk heeft de voormalige camping De Reebok officieel overgedragen aan Natuurmonumenten. Daarmee komt een langlopend traject tot een afronding. Het plan om de natuurgebieden Kampina en Oisterwijkse Bossen en Vennen weer met elkaar te verbinden begon al in de jaren negentig. Nu is het moment daar dat de natuur de ruimte krijgt waar ooit vakantiegangers verbleven.
Nieuwe natuur
De volledige 22 hectare van de oude camping krijgt een natuurbestemming. De gebouwen en voorzieningen zijn verwijderd om plaats te maken voor bos, heide en ven. Door deze ontwikkeling ontstaat een robuuste ecologische verbinding binnen het Natura 2000-gebied. Dieren als de das, eekhoorn en ree krijgen hierdoor meer leefruimte en veilige oversteekplaatsen.
Belang voor biodiversiteit
Volgens de gemeente is dit een belangrijke stap voor het herstel van biodiversiteit in het gebied. De overgang van recreatieterrein naar natuur versterkt de balans tussen mens en milieu. Natuurmonumenten zal de komende jaren werken aan herstel van beplanting en de aanleg van wandelpaden die bezoekers op een verantwoorde manier door het nieuwe gebied leiden.
Trots en samenwerking
Wethouder Van den Hurk noemt de overdracht een mijlpaal. “Dit is een voorbeeld van wat we samen kunnen bereiken als lokale overheid en natuurorganisatie samenwerken,” zegt hij. De gemeente, provincie en Natuurmonumenten werkten jarenlang aan het project. Dankzij gezamenlijke inzet en financiële steun van verschillende overheden is het resultaat nu zichtbaar in het landschap.
Toekomstplannen
Natuurmonumenten wil het terrein geleidelijk laten verwilderen zodat natuurlijke processen hun werk doen. Bezoekers blijven welkom, maar de nadruk ligt op rust en natuurbeleving. Informatiepanelen gaan uitleg geven over de ontwikkeling van het gebied en de terugkeer van inheemse diersoorten. Oisterwijk bevestigt met dit project opnieuw haar groene identiteit binnen Brabant en laat zien dat natuurontwikkeling en maatschappelijke betrokkenheid hand in hand kunnen gaan.

